In 1947 vertrokken we naar Zwitserland. Er was een contract afgesloten voor een optreden in het Corso Theater in Zürich. We gingen als artiesten want alleen als artiest kon Mirin Dajo een vergunning voor Zwitserland krijgen. Dit land was aangewezen door de hoogste geestelijke leiding en diende als springplank voor zijn zending. We gingen met de trein vanuit Amsterdam en waren van plan drie weken weg te blijven. De reis duurde ongeveer twintig uur. Door alle spanningen en het denken aan ons eerste optreden in een voor ons vreemd land konden we niet slapen.

In Zürich werden we van het station afgehaald door de directeur van het Corso Theater. Het viel hem op dat we er niet uitzagen als gefortuneerde mensen. Begrijpelijk, want in de naoorlogse jaren was er niet veel goede kleding te koop. Bovendien konden we niet veel nieuws aanschaffen omdat we weinig geld hadden. We kregen een voorschot op onze gage. Daarvan werd nieuwe kleding aangeschaft. Daarna werden we naar Hotel Rothuus in de Marktgasse gebracht. We kregen de beschikking over drie hotelkamers, twee slaapkamers en een zitkamer. Mirin Dajo en ik deelden een kamer.

De volgende dag hadden we een bespreking met de heer Hubert. Hij vertelde ons dat hij voor die middag een afspraak met professor Bruner had gemaakt voor een demonstratie. Om drie uur kwamen wij in het hospitaal waar we professor Bruner, zijn staf en een aantal studenten ontmoetten. We gingen naar de aula. De professor waarschuwde de hooggeleerde wetenschappers. Er zouden bij de demonstratie dodelijke verwondingen kunnen ontstaan. Daarna gaf hij aan dat we met de demonstratie konden beginnen. Eerst hield Mirin Dajo een kleine toespraak. Hij vertelde dat hij geen fakir of degenslikker was. Wat hij zou demonstreren was alleen mogelijk bij een goede geestelijke instelling en een volledig Godsvertrouwen. Volgens mij interesseerde dit de geleerden niet. Het ging hen er meer om het zogenaamde wonder te aanschouwen. Zo was het ook voorgespiegeld door de directeur van het Corso Theater. Mirin Dajo ontblootte zijn bovenlijf. Ik stak de floret aan de rugzijde in de buurt van zijn nieren door zijn lichaam heen. Aan de voorkant kwam die er weer uit. Er was geen druppeltje bloed te zien. Iedereen had daar vol spanning op zitten wachten. Men was verbaasd dat er geen bloed vloeide. Direct werden er vragen gesteld. Niemand had er iets van begrepen. Professor Bruner stelde voor een röntgenfoto te laten maken. Mirin Dajo stemde hiermee in. De professor vertelde dat de röntgenkamer helemaal aan de andere kant van het gebouw lag. Misschien was het beter Mirin Dajo op een brancard te leggen. Maar dat was niet mogelijk met dat wapen door hem heen. Mirin Dajo stelde zelf voor er naar toe te lopen. Nu bleek dat ik ook nog door de maag gestoken had. Er werd een groot laken om hem heen gedaan. Aan de voorkant zag je de punt van de floret 30 centimeter uitsteken.

In optocht liepen we door de gangen van het ziekenhuis. In de gangen kwamen we een paar zusters tegen. Bij het zien van Mirin Dajo holden ze luid gillend weg. Bij de röntgenkamer stond een brancard met daarop een van pijn kermende man, die een paar gebroken botten had. Toen hij ons zag, was hij zo gefascineerd dat hij stil werd en ons met grote ogen van verbazing aankeek. In de röntgenkamer zei Mirin Dajo tegen mij: “Dat wordt niks met die foto’s, want die man is veel te zenuwachtig.” We kregen later ook te horen, dat de foto’s slecht waren. Ik trok ter plekke het wapen uit het lichaam van Mirin Dajo. Iedereen stond klaar met watten en een desinfecteermiddel, want ze verwachtten een enorme bloedstroom. Er gebeurde niets. Er waren alleen wat druppels wondvocht.

Professor Bruner sprak met ons en vroeg mij of ik op dezelfde manier een hond zou willen doorsteken. Ik antwoordde hierop: “Als u een onkwetsbare hond voor mij heeft, dan wel. Zo niet dan is het antwoord nee.” Meneer Hubert was heel erg blij met het resultaat. Hij had zich steeds afgevraagd of dit alles wel mogelijk was. Gerustgesteld kon hij nu met een reclamecampagne beginnen. Het was inmiddels 31 mei 1947. De dag van ons eerste optreden in het theater brak aan. Met veel tamtam werden we via een speaker aangekondigd. Toen het gordijn open ging, zagen we de volle zaal. We mochten niet spreken, alleen maar demonstreren. Tussen de coulissen stond Hylke naar ons te kijken. Ik doorstak Mirin Dajo. Het was doodstil in de zaal. Toen ik het wapen weer uit hem trok, brak de spanning. Er werd langdurig geapplaudisseerd. We traden nog een paar avonden op. Daarna kregen we de geestelijke opdracht er mee te stoppen. Het was genoeg geweest. Mirin Dajo reageerde hierop met de volgende woorden: “Jullie kunnen mij dit wel zeggen, maar ik zit met een geestelijke opdracht en aards ben ik gebonden aan een contract. Daar kan ik niet onderuit.”

De volgende avond gingen we weer naar het Corso Theater. We stonden op het toneel. Ik wilde hem doorsteken. Maar het ging niet helemaal goed. Het wapen kwam er niet aan de voorkant uit. Ik drukte nog harder en wat gebeurde er? Mirin Dajo viel om. Het publiek werd angstig en begon te schreeuwen. De toneelknecht trok gauw het gordijn dicht, want die dacht dat er een ongeluk had plaatsgevonden. Mirin Dajo bleef volkomen rustig. Hij zei tegen mij dat ik het wapen er maar uit moest trekken. Daarop stapte hij voor het gordijn. Hij kon aan het publiek laten zien dat er niets aan de hand was. De dag erna hadden we een bijeenkomst met een groep artsen. Zij vroegen Mirin Dajo: “Wilt u zo graag demonstreren? Is dat zo belangrijk voor u?” Hij antwoordde hierop: “Helemaal niet. Dat is bijzaak. Veel belangrijker voor mij is dat ik tot de mensen kan spreken. Maar dat mag niet volgens ons contract.” Hierop werd besloten, dat de artsen verdere optredens zouden verbieden, zodat hij ook geen verplichtingen meer had.

De vraag bleef: “Waarom ging het wapen niet door Mirin Dajo heen?” Uiteindelijk was dit al enige honderden keren gebeurd. Het was duidelijk. De Hoogste Geestelijke leiding had reeds enkele keren “stoppen” doorgegeven. Dit kon niet volgens het contract. Er moest iets gebeuren. Het resultaat was heel eenvoudig. Toen ik begon met doorsteken werden mijn handen en het wapen zo geleid, dat ik met de punt van het wapen in de Hoofd Chakra, zonnevlecht of manipura uitkwam. Deze was door de Leiding zo verhard dat het wapen er niet doorheen kon. Daarmee wordt duidelijk dat aardse problemen ook door de Geestelijke Leiding van ons beïnvloed kunnen worden. Wij waren blij met de aanwezigheid van de artsen. Zij hadden kennis van het menselijk lichaam. Door Mirin Dajo hadden ze kunnen ontdekken, dat er aan hun theorie nog iets ontbrak. De wetenschap gaat van het standpunt uit dat iets bewezen moet worden anders is het geen wetenschap. Maar hoe kun je iets, dat voor honderd procent geestelijk is, wetenschappelijk verklaren? Als ze mijn denkwijze overnamen zou het gemakkelijker zijn. Maar dan moesten ze wel openstaan voor het geestelijke.

Na een gesprek met meneer Hubert werd besloten dat Mirin Dajo de gelegenheid kreeg om voor de demonstraties een toespraak te houden. Ook zou de mogelijkheid worden onderzocht filmopnamen te maken. Een tournee door Zwitserland zou daarmee door kunnen gaan. Ondertussen hadden we veel contacten met de religieuze kant van de bevolking. Op een dag zou Mirin Dajo in het Corso Theater spreken. Het was op een zondagmorgen. Er was veel belangstelling. Mirin Dajo sprak zeer goed en iedereen ging tevreden naar huis. De volgende dag stond er in de kranten dat Mirin Dajo een Tempel Gods van het Corso Theater had gemaakt. Verder waren alle recensies in de kranten zeer positief. Ook begonnen de mensen vragen te stellen over alles wat te maken had met religie en magie. We kregen het bewijs dat velen zoekende waren. Velen bedankten Mirin Dajo voor het gesprokene en de lichamelijke hulp. Klachten die ze hadden waren verdwenen. Wat gebeurde er eigenlijk tijdens het spreken? Terwijl Mirin Dajo sprak over het ontwaken van het moraalbewustzijn, bewoog hij zijn handen als iemand die zegent. Mensen die zich volledig overgaven, werden daardoor geholpen.

We kwamen in contact met een aannemer. Zijn dochtertje lag in het ziekenhuis. Hij wilde graag dat Mirin Dajo even naar haar zou gaan kijken. Bij aankomst in het ziekenhuis werden we opgewacht door een groep medici, die graag wilden weten wat Mirin Dajo zou gaan zeggen. Mirin Dajo hoorde van zijn beschermer, ook wel controle genoemd, wat er met haar aan de hand was. Hij vertelde wat ze mankeerde. Iedereen was verbaasd. Haar vader was zielsgelukkig. Toen we hem vertelden, dat we een film gingen maken over Mirin Dajo, gaf hij ons spontaan 30.000 Zwitserse Francs als dank voor het bezoek aan zijn kind. Na deze gift werd een afspraak gemaakt met een filmmaatschappij om filmopnamen te maken over de onkwetsbaarheid van Mirin Dajo. Voordat de opnamen begonnen zei Mirin Dajo: “Jij hebt al zo vaak iets met mij gedaan. Nu zal ik iets met jou doen.” Ik werd nieuwsgierig. Hij zei: “Vannacht slaap je niet in je bed, maar in de klerenkast.” Ik moest er op mijn hoofd staand de hele nacht in gaan slapen. Deze opdracht vond ik niet moeilijk. Na een half uur deed hij de deur weer open en maakte me wakker. Hij zei: “Er is geen lol aan, want je bent rustig gaan slapen.” Ik had de proef doorstaan door het grote vertrouwen dat ik in hem had en in de Hoogste Geestelijke leiding. Voor mij was dit weer een bewijs dat alles mogelijk is wanneer er vertrouwen is in de Godskracht.

Tijdens de opnamen van de film stak ik aan de linkerkant door de long. De floret ging niet recht door Mirin Dajo heen, maar iets omhoog aan de onderkant door zijn hart. We hadden dit niet van tevoren afgesproken. Na deze opname trok ik het wapen weer uit zijn lichaam. We hadden op dat moment geen watten bij ons. Mirin Dajo maakte het gebaar met zijn handen dat het niet nodig was. Er werd hierna snel nog een tweede filmopname gemaakt. We hadden daarna nog een afspraak voor een demonstratie in het Bürgerspital in Bazel. Daar zou ook gefilmd worden. Om de opnamen mogelijk te maken, moest er een extra kabel gelegd worden voor de vele belichtingslampen.Op de dag van het optreden waren er verschillende artsen, professoren en andere genodigden aanwezig. Voordat we begonnen, ging het wapen eerst van hand tot hand. Deze keer zou ik Mirin Dajo doorsteken van opzij, voor de ruggengraat langs, om net boven het bekken onder de borstkas met de punt weer naar buiten te komen. Toen dit gebeurd was, werd er voorgesteld om naar de afdeling ernaast te gaan voor een cardiogram.

Tijdens het maken van het cardiogram luisterde Professor Massini nog even naar de long- en hartfunctie. Hij verklaarde: “Ik heb ruim 42 jaar ervaring, maar dit kan ik niet verklaren.” Hierna werden er nog röntgenfoto’s gemaakt. In totaal heeft Mirin Dajo bijna vijftig minuten met het wapen in zijn lichaam rond gelopen en dat in de hitte van alle lampen. Hij transpireerde erg. Na afloop bleek dat Dr. Kaufmann, medisch medewerker van de film “My UFA”, ook aanwezig was. Er werd door de aanwezige artsen nagepraat. Niemand van de medische staf wist zich raad met de situatie. Helemaal niet wat betreft het Geestelijke. Eén van de aanwezige studenten had een verklaring. Het ging hier om hypnose! Hij vermeldde dit ook zo in het medisch maandblad.

Er werd afgesproken dat Mirin Dajo zou demonstreren in het Bernoullianum. Dr. Kaufmann liet eerst een film zien waarin menselijke harten werden getoond, die tijdens de oorlog door granaatscherven beschadigd waren. Deze harten functioneerden nog perfect ondanks de beschadigingen. Op dat moment kreeg Mirin Dajo van de Hoogste Geestelijke Leiding door dat er die dag niet gedemonstreerd mocht worden. Dit kwam natuurlijk volkomen onverwacht en niet gelegen, aangezien de zaal vol zat met een uitgelezen gezelschap van wetenschappers. Voor de wetenschap is het erg moeilijk om over het geestelijke ook maar een zinnig woord te zeggen, omdat dit tot nu toe niet wetenschappelijk verklaard kan worden.

Mirin Dajo ging het podium op en sprak over het geestelijke. Hij vertelde erbij dat hij niet kon demonstreren, omdat hij de dag ervoor erg veel energie had gebruikt in het Bürgerspital. Tot dan toe was dat de zwaarste demonstratie geweest. Professor Kern zei: “Er ligt meer kracht in het zeggen van ik demonstreer nu niet dan het toch te doen onder ongunstige omstandigheden.” Weer een ander zei: “Dit is het bewijs, dat het niet alleen lichamelijk is.” Dr. Nicolaas Kaufmann zei: “Hieruit valt veel te leren. Mirin Dajo heeft toegezegd, dat hij over drie dagen wel zal demonstreren.” Mij werd gevraagd hoe ik erover dacht. Mijn antwoord was: “Men mag God niet verzoeken. De mens wikt en God beschikt.”

Onkwetsbaarheid is geen zaak om een spelletje van te maken. Het is een begenadiging, een roeping. Het was Mirin Dajo, die zich volledig overgaf aan de Godskracht. Juist daardoor was alles mogelijk. Wie van ons zou zich zo beschikbaar stellen en zeggen: “God, hier ben ik en ik zal alles doen wat U van mij verlangt.”

Dit alles wijst op een diep religieus besef en een geest, die reeds vele ervaringen in vorige levens moet hebben beleefd. Daardoor kan deze geweldige overgave en gehoorzaamheid opgebracht worden. Alles wijst op een Kosmisch bewustzijn. Hij is als iemand bij wie zich het Christus Bewustzijn geopenbaard heeft, waardoor hij zich veilig en beschermd voelt door alle Goddelijke krachten. Daardoor geeft hij zich in het belang van de Mensheid zonder enig winstbejag voor zichzelf. Mirin Dajo werd door de professor onderzocht met de modernste instrumenten die er in het laboratorium waren. Er was geen enkele afwijking te constateren. Voor professor Kern was het een geweldige belevenis. Hij gaf aan Mirin Dajo graag nog eens te willen ontmoeten.

Na de filmopname volgde al snel een derde opname en wel in het Bernoullianum te Bazel. De zaal zat vol artsen die daar een congres hadden. Ze kwamen uit heel Europa. Mirin Dajo vertelde dat zijn toespraak bedoeld was om mensen tot nadenken te brengen. Door de demonstratie kon hij laten zien wat mogelijk was als we ons meer op het geestelijke richten. Hij zei dat de mensen kwamen, omdat ze belust waren op sensatie. Daarna hield hij een lezing over de kracht van de geest en als toegift was er een demonstratie. Ik stak hem door de rechter long. Ik zag, dat een arts op de voorste rij zijn handen voor zijn ogen deed. Hij moest vast bang geweest zijn dat hij gehypnotiseerd werd. Mirin Dajo liet zich van alle kanten zien. Daarna verwijderde ik het wapen. De spanning was gebroken. Alle artsen begonnen spontaan te applaudisseren. Dit was voor ons een ongewone situatie. Als we in Nederland demonstreerden, bleef het na een optreden meestal doodstil. We hadden nu drie goede filmopnamen. Genoeg materiaal om er een film van te maken. Onze tournee was geweldig. Na afloop van iedere bijeenkomst kwamen de mensen Mirin Dajo bedanken. Velen waren gekomen met pijnklachten. Ze voelden zich direct al veel beter.





Vervolgens heeft Mirin Dajo nog vele demonstraties gegeven en heeft hij zijn boodschap naar buiten gebracht. Ondanks zijn grote bekendheid in met name Zwitserland en Amerika kennen velen zijn naam niet. Jan D. de Groot, de assistent van Mirin Dajo, vergezelde hem bij de vele demonstraties in binnen- en buitenland. Hij maakte hiervan aantekeningen, bewaarde foto’s en perspublicaties. Ook noteerde de Groot lessen die Mirin Dajo aan hem doorgaf. Uit dit alles is een boek ontstaan. Wellicht dat dit boek meer aandacht aan het leven en werk van Mirin Dajo gaat opleveren; aandacht en waardering wat Mirin Dajo zeker verdiend heeft.



Bovenstaande passages zijn overgenomen uit het genoemde boek:

'De Onkwetsbare Profeet
Het Nederlandse Fenomeen Mirin Dajo'

Door Jan D. de Groot

Uitgeverij: Frontier Publishing
ISBN: 90-806700-6-5