Intro:
Vlak na de Tweede Wereld Oorlog realiseerde Arnold Henskes zich op 33-jarige leeftijd dat hij bijzondere gaven bezat, namelijk dat hij onkwetsbaar was. De jaren daarna heeft hij middels een groot aantal demonstraties zijn onkwetsbaarheid getoond en zijn bijbehorende boodschap verspreid.
Jan D. de Groot
Jarenlang was ik in Haarlem buren van de familie Henskes. In 1946 realiseerde ik dat een van de bewoners van dat huis, Arnold Henskes met als roepnaam Nol, bijzondere gaven bleek te bezitten. Tijdens een busrit naar Amsterdam kwam ik hem tegen. Wij raakten aan de praat. Hij liet foto’s zien waarop hij stond afgebeeld met een floret door zijn lichaam. Ik kreeg de schrik van mijn leven. Ik kon me niet voorstellen dat hij het was. Ik dacht even dat ik gek werd. Ik dacht dat het om een truc ging. Het was onbegrijpelijk dat deze man hier toe in staat was. Nol overtuigde me dat alles echt was. Het steken zelf was niet de hoofdzaak maar diende een hoger doel. Ik dacht even na en vroeg of hij hulp nodig had. Nol antwoordde direct dat hij aan mij zou denken als het aan de orde was.
Even later kreeg ik van mijn vrouw te horen dat de moeder van Nol bij haar was geweest met het verzoek om die avond nog bij hun thuis te komen. Nol wilde mij spreken. ’s Avonds vertelde Nol me dat hij terugkwam op het gesprek in de bus waar ik mijn medewerking had aangeboden. Hij wilde daar graag op ingaan. Ik zou samen met hem de demonstraties gaan verzorgen. Nol vertelde me dat hij voorlopig de demonstraties nog wel nodig zou hebben om bekendheid te krijgen. Het gesproken woord was echter belangrijker. Ik moest snel een paspoort aanvragen, want hij wou met mij binnenkort naar het buitenland vertrekken.
Thuis gekomen vertelde ik vol enthousiasme het hele verhaal aan mijn vrouw. Ze barstte in huilen uit. Toen ik haar wilde troosten, werd er op de voordeur geklopt. Nol en zijn vader stonden voor de deur. Nol had de reactie van mijn vrouw voorvoeld. Hij was gekomen om vrede in de mens te brengen. Hij wilde niet dat er door zijn toedoen onenigheid ontstond tussen mensen die hem dierbaar waren. Hij zei tegen Gé dat ze mijn werk moest zien als een opdracht van God. Het samenwerken moest ze zien als een eer. Gé zag toen in dat de taak die nu voor mij was weggelegd een goede was. Ze mocht mij niet tegenhouden. Ik besloot de volgende maandag met Mirin Dajo mee te gaan. Dit betekende dat ik nu snel van alles moest gaan regelen.
Voor mij hield dit in dat ik de eerste demonstratie kon gaan voorbereiden. Er kwamen holle naalden met afschroefbare punten. Er zaten slangen aan, die op de waterleiding konden worden aangesloten. De eerste demonstratie vond plaats bij de firma Anova. Ik stak bij Mirin Dajo eerst door iedere arm twee naalden en een naald door het midden van zijn lichaam. De punten schroefde ik er af. Daarna zette ik de waterkraan open. Mirin Dajo stond daar als een levende fontein. Ik verbaasde me erover hoe rustig ik was. Voor de zekerheid had ik al menig schietgebedje gedaan. Ik was dankbaar dat ik die rust had gekregen. Er werden foto’s gemaakt waarna ik de naalden en de slangen verwijderde. Bij een ander kantoor doorstak ik Mirin Dajo met een puntig geslepen floret van acht millimeter dik. Ik doorstak de rechter long via de rugzijde. Het ging niet zo gemakkelijk als ik gedacht had. Men maakte direct foto’s. Mirin Dajo was zeer tevreden over mij.
Waar haalde ik het lef vandaan om dit allemaal te doen? Door de vele urenlange gesprekken met Mirin Dajo over zijn onkwetsbaarheid was bij mij vertrouwen ontstaan. We waren naar elkaar toe gegroeid. Maar het belangrijkste was de rust die van hem uitging en zijn vertrouwen in de Godskracht die alles voor hem mogelijk maakte. Zo bracht hij ook rust op mij over.
Daardoor ontstond er een eenheid. Met mijn vrouw besprak ik alles. We kwamen tot de conclusie dat hier iets groots gebeurde. Ons vertrouwen groeide met de dag.
| |
|
|
In deze periode deden we wat aan sport en kregen we lessen bij Nauwelaert de Agé in Bloemendaal. Op een dag gaf Mirin Dajo aan dat we maar eens wat moesten gaan oefenen met het steken. Dan konden er tegelijkertijd foto’s gemaakt worden in de sportschool. De eerste keer ging het niet zo goed. Ik stak in zijn heup. Mirin Dajo trok wit weg. Toen ik het wapen weer uit zijn lichaam trok, ging hij languit op de grond liggen. Ik was verbaasd, maar niet angstig. Samen met meneer Nauwelarts de Agé legden we Mirin Dajo op een massagetafel. Na enige tijd opende hij weer zijn ogen en stapte van de tafel af alsof er niets gebeurd was. Nauwelaert zei dat dit het grootste wonder was dat hij ooit gezien had. Nog lange tijd daarna vertelde hij aan anderen over Mirin Dajo. Het wit wegtrekken van Mirin Dajo en het op de grond gaan liggen was niets anders geweest dan het bewust uittreden van zijn geest. Toen deze even later weer in zijn lichaam trad, kon hij opstaan van de massagetafel.
Ik had op het moment van het voorval geen angst en vreesde niet voor zijn leven. Zijn overgave was volledig. Ik was overtuigd van zijn onkwetsbaarheid. Halve onkwetsbaarheid bestaat niet. Hij is het helemaal of helemaal niet en zijn overgave was volledig! De zesde december was weer een mijlpaal in het leven van Mirin Dajo. Die ochtend had hij mij al verteld, dat er veel te verwachten was van de dagen die komen zouden. Hij was ongewoon actief. Ik stelde Mirin Dajo daarom voor eens rustig op bed te gaan liggen. Hij deed dit en viel direct in slaap. Direct daarna begon hij te praten. Het was net of hij telefoneerde. Ik hoorde hem antwoorden geven en vragen stellen. Toen ik de naam Peite hoorde, werd mij alles duidelijk. Dit was een belangrijke stap in zijn geestelijke ontwikkeling. Hij had direct contact met Peite, zijn geestelijke geleidegids. Ik zag hierin vele mogelijkheden. Peite was nu de vraagbaak voor Mirin Dajo.
Mirin Dajo werd na enige tijd wakker en lachte bescheiden. Hij zei: “Jantje, Peite heeft me daarnet alles verteld.” Ik antwoordde hierop: “Ja, ik heb de ene helft gehoord, maar de andere niet.” Mirin Dajo vertelde mij het ontbrekende gedeelte. We waren allebei blij dat dit gebeurd was. Toch hadden we niet verwacht dat deze gebeurtenis ons zo snel een andere richting op zou sturen. Dat gebeurde drie weken later.
Mirin Dajo groeide geestelijk. Haast niet te beschrijven.
Dit kwam ook heel duidelijk naar voren in Siddeburen waar we bij mijn neef in zijn garage een bijeenkomst zouden hebben. Mijn neef had gehoord dat Mirin Dajo ook goed diagnoses kon stellen. Hij had afgesproken met zijn huisarts dat die een lijst zou maken met de adressen van tien van zijn patiënten. Wij zouden samen langs hun huizen rijden en even stoppen. Ik zou dan noteren wat Mirin Dajo zou zeggen. De lijst zouden we dan aan de arts geven. Mirin Dajo stemde in met deze proef. We stapten in de auto die bestuurd werd door mijn neef. Bij het eerste huis aangekomen zei Mirin Dajo: “Rijd maar door. Ik weet het al. Dus noteer het maar even Jan.” We hebben zo de hele lijst afgewerkt. Ik noteerde alles. Mirin Dajo zei dat de dokter het goed had wat betreft de medicijnen die hij had voorgeschreven. Hier en daar zat de arts er een beetje naast. Ik schreef de aanbevelingen van hem op. We deden het briefje heel discreet in een enveloppe. Mijn neef bracht die naar de arts.
Bij navraag had de arts geen commentaar. Het moest allemaal goed zijn. De dokter had niet de moed ruiterlijk toe te geven dat Mirin Dajo het bij het rechte eind had. Hieruit blijkt dat de kloof groot is tussen een talent en iemand die voor arts gestudeerd heeft. Dat iemand op paranormaal gebied een diagnose kan stellen en met zijn handen kan genezen was kwakzalverij en geen talent. Het is maar gelukkig dat er voor het paranormale steeds meer begrip komt. Maar het zal nog wel een hele tijd duren voordat er door artsen wordt toegegeven dat het paranormale op allerlei gebied aanwezig is. Men noemt het dan een gave. Waar komt die gave van de Godskracht dan vandaan? Zijn het lessen die in de geest zijn opgeslagen en bij een wedergeboorte, reďncarnatie dus, tevoorschijn kunnen komen?
Het spreekt voor zich dat het mogelijk is door de Godskracht. De Oerbron van alles wat is en waaruit alles is ontstaan, door de wetten van actie en reactie, dus oorzaak en gevolg.
Toch zullen velen zich alsnog afvragen: “Hoe kan een diagnose gesteld worden?” Heel eenvoudig. Mirin Dajo vroeg aan zijn geestelijke leider welke ziekte de patiënt had. Die stelde zich tijdloos in verbinding met de geestelijke leider van de patiënt in kwestie en gaf door wat er aan de hand was. Zo hoorde hij alles en gaf dit aan mij door. De geestelijke leider werd in sommige kringen ook wel engelenbewaarder genoemd.
Door Hylke Otter werd ondertussen moeite gedaan om iemand te vinden, die ons zakelijk zou kunnen begeleiden. Het lag in de bedoeling om met Mirin Dajo naar het buitenland te gaan. Wij wilden het liefst naar Zwitserland omdat dit het land van de Vrede was.